Tips over wedstrijdvoorbereiding

updated: 04-09-2009


Gay Swim Amsterdam


(English) | Sitemap | Info | Training | Shop | Foto's | Home

De laatste loodjes
Het opbouwen van een conditie gaat meestal gepaard met veel kilometers maken en daarbij vooral lettende op de techniek. Nadat de conditionele fase is afgerond gaat men langzaam over tot de interval duurtraining. Gevarieerde afstanden met korte pauzes, bijvoorbeeld 4x200 meter met 15 tot 30 seconde pauze of 8x100 meter elke 2 minuten of sneller enz. enz. Zorg ervoor dat de pauzes niet te groot worden. Als extra opdracht zou kunnen gelden, dat de eerste afstand net zo snel is als de laatste afstand. Dit betekent dat men niet te snel van start moet gaan om aan het einde nog genoeg energie over te hebben om de laatste afstand van de opdracht in dezelfde tijd te kunnen afwerken. Een variatie hierop zou ook kunnen zijn, dat men steeds sneller wordt per afstand met een aantal seconde. Natuurlijk gaan deze trainingen nog steeds gepaard met een grote aandacht voor de techniek.

Bij iedere training moet men goed opletten dat men voldoende is ingezwommen. Eerst een aantal honderd meters (ongeveer 800 meter) hele slag, vervolgens wat individuele aandacht voor de benen, daarna voor de armen en tenslotte de hele slag. Je kunt allerlei mogelijke variaties bedenken, bijvoorbeeld 25 hoog tempo vervolgens een baantje rustig en daarna weer een baantje in een hoog tempo. Zorg ervoor dat na ieder blok dat je gezwommen hebt, je lichaam ontspant door 50 meter lekker rustig te zwemmen. Ook rekoefeningen tussen de afstanden door is zeer goed. Probeer het lichaam vooral soepel te houden en gaat het even niet met een bepaalde slag, pak dan een andere slag en concentreer je daar op.

Nadat de wedstrijd in zicht komt worden de intervallen tussen de afstanden steeds groter. De snelheid tijdens het zwemmen moet dan worden opgevoerd. Men heeft meer rust tussendoor, dus meer tijd om te herstellen, om dan daarna los te knallen voor de volgende 100 meter. Belangrijk is wel dat men altijd de afstand in de gaten houdt. Zwemt men bijvoorbeeld 8x50 meter borstcrawl, laat het verval dan niet te groot worden, met een eerste 50 meter in 30 seconden en de overige in 45 seconden bereikt men niet het doel, die men zou willen bereiken. Nee, het is belangrijk om in hoog tempo weg te gaan en deze over de overige banen vast te houden, met het verval zoveel mogelijk te beperken, het liefst tot 0 seconden.

Snelheid
In de laatste twee weken voor de wedstrijd komt vooral de snelheid centraal te staan. Nu verlangt het per discipline een andere aanpak. Zoals in iedere sport vraagt iedere afstand of onderdeel om een speciale benadering. Een sprinter, iemand die hoofdzakelijk 50 tot maximum 100 meter zwemt, sprint vooral veel korte banen en traint vooral de start en een hoog tempo vanaf het begin.
Iemand die meer de midden en middenlange afstanden zwemt, 200 tot 400meter, traint ook de sprint maar zorgt er voor dat hij nog steeds de meters maakt. (Dit betekent niet te veel korte afstanden) Deze categorie zwemmers bewaart zijn sprintonderdeel tot aan het einde van de training, zodat er nog voldoende meters kunnen worden gemaakt in voorafgaande gedeelte van de training, want het uithoudingsvermogen mag niet te veel worden aangetast.

De week ervoor
De laatste week voor de grote wedstrijd is het vooral van belang dat het lichaam niet extra belast wordt. Een grote verhuizing of met zware dingen slepen zijn dan niet aan de orde. Tijdens het zwemmen vooral soepel zwemmen en niet te veel willen, probeer gewoon lekker in het ritme te komen. Men richt zich vooral op de sprintnummers, het gaat dan niet meer om de meters, maar om een lekker gevoel in het lichaam, dat vooral veel rust nodig heeft. Ontspanning en relaxen is heel belangrijk voor het lichaam.

Voeding
Men is wat men eet, vooral rond deze slopende dagen. Denk er aan: vet eten en ijs, zowel drank met koolzuur is niet goed. Probeer juist voedzame producten met koolhydraten te eten, met hier en daar wat zoetigheid. Vruchtensap als wel allerlei stimulerende helpers voor de energie. Vergeet vooral geen druivensuiker mee te nemen, dit is goed voor tijdens de wedstrijden. Neem het niet te laat in, zeker een uur voor de wedstrijd, anders heeft het geen tijd om in je lichaam door te dringen. Drugs zijn natuurlijk uit den boze net als spierversterkende middelen.

Het is belangrijk dat men op zijn laatst één uur voor de wedstrijd eet, het liefst 2 uur, kleine versnaperingen zoals een banaan of een mars kunnen wel gegeten worden, pas echter wel op dat het redelijk ver voor je zwemmen is, want anders ontstaan er onaangename momenten tijdens de race.

De wedstrijd
Zorg ervoor dat je voldoende bent ingezwommen en dat wanneer je lang hebt moeten wachten voordat je eindelijk mag zwemmen, dat je een half uurtje voor je in het water gaat nog even los gaat zwemmen. Er is meestal bij grote toernooien een tweede bad voorhanden. Vervolgens is het belangrijk dat men zich goed los maakt en er voor zorgt, dat het lichaam niet te stijf wordt. Zenuwen horen erbij, in mijn geval, maar probeer je vooral te focussen op je persoonlijke race en lekker te zwemmen. Als je aan het einde van je race niet kapot bent dan heb je nog altijd energie over en dat is misschien jammer. Na de strijd is het belangrijk dat je minstens een 300 a 400 meter uitzwemt in het 2e bad. Dit is zeer belangrijk voor de spieren en je hele lichaam.

Meer informatie over taperen.


(English) | Sitemap | Info | Training | Shop | Foto's | Home

Op deze pagina:
info over taperen, inzwemmen en uitzwemmen

GSA-lidmaatschap

Zwemtips etc. over:
- zwemtraining
- zwemwedstrijden
- fysieke ongemakken
- zwemlinks
- organisaties

Trainingstijden

Zwemmen:
- info
- wedstrijden
- openwaterzwemmen

 

Waterpolo:
- info
- competitie
- toernooien

Schoonspringen:
- info
- foto's

Algemeen:
- zwemtips en meer
- Blubblad & downloads
- clubrecords
- links

naar boven